Frans Sijtses van der Molen, geb. Steenwijkerwold 19 febr. 1761, boer, † Sonnega 24 maart 1822, zn. van Sijtse Egberts en Jeltje van der Ley, tr. Wolvega 16 mei 1785 Rinske Jannes de Boer, geb. Wolvega 5 jan. 1761, huisvrouw, † Sonnega 2 april 1814, dr. van Jannes Piers en Gatske Wybes Oosterhof.
Uit dit huwelijk:
Jeugd en afkomst
Frans Sijtses werd geboren op 19 februari 1761 in Steenwijkerwold als oudste zoon van Sijtse Egberts en Jeltje van der Ley. Zijn vader stamde uit een eenvoudig molenaarsgeslacht, terwijl zijn moeder uit een aanzienlijker familie kwam. Daarmee droeg Frans van jongs af aan zowel de nuchtere achtergrond van een werkmansgezin als de vooruitzichten die een bemiddeld huwelijk kon bieden.
Het gezin verhuisde meerdere malen: van Steenwijkerwold naar Oldemarkt, daarna naar Ossenzijl. Zulke verhuizingen waren niet ongewoon in die tijd: kleine boeren en molenaars pachtten hun grond, en een beter aanbod of een failliete voorganger kon een reden zijn om opnieuw te beginnen. Voor kinderen betekende dit een onrustige jeugd met telkens nieuwe buren en klasgenootjes, maar ook een brede kennismaking met het platteland van Overijssel en Friesland.
Een belangrijke ommekeer kwam in 1774, toen de moeder van Jeltje van der Ley overleed. Uit haar familie-erfenis vloeide een aanzienlijk bedrag van 8.400 gulden naar het jonge gezin. Ter vergelijking: een stevige boerderij in Sonnega kon rond de 3.000 gulden kosten. Dankzij deze erfenis werd de familie in één klap financieel onafhankelijk en kon zij zich vestigen op een eigen boerderij met stemrecht. Dit maakte van Frans ineens de zoon van een eigenerfde boer.
Huwelijk en gezin
Op 16 mei 1787 trouwde Frans in Wolvega met Rinske Jannes de Boer, dochter van een boerenfamilie uit Sonnega. Huwelijken waren in die tijd vaak niet alleen persoonlijke keuzes, maar ook strategisch: een verbintenis tussen families die elkaar versterkten.
Twee maanden later werd hun eerste dochter geboren. Het feit dat dit kind zo kort na het huwelijk ter wereld kwam, zal binnen de kerkelijke gemeenschap niet onopgemerkt zijn gebleven. De kerk hield streng toezicht op de moraal; jonge paren die “te vroeg” kinderen kregen, konden worden berispt of zelfs publiekelijk bestraft. Het meisje overleed jong, maar in 1788 werd opnieuw een dochter Gatsje geboren. Daarna volgden nog drie kinderen: Jeltje, Jannes en Neeltje.
In 1789 verhuisde Frans met zijn gezin binnen Sonnega naar de boerderijen met stem 32 en 33. Stemgerechtigde boerderijen waren de ruggengraat van de Friese plattelandssamenleving. Wie een stem had, mocht meebeslissen in het dorpsbestuur en had aanzien in de gemeenschap. Het feit dat Frans dit bedrijf in gebruik kreeg, bevestigt zijn positie als volwaardig boer en lid van de lokale elite – een flinke stap voor een kleinzoon van een molenaar.
Leven als boer in Sonnega
Het dagelijkse boerenleven rond 1800 was zwaar maar stabiel. Het bedrijf leverde graan, vee en zuivel, en met eigen grond had een gezin zekerheid voor de lange termijn. Voor boerenkinderen golden andere verwachtingen dan voor arbeiders: zij leerden meestal lezen en schrijven hadden uitzicht op een huwelijk binnen dezelfde stand.
Dat gold ook voor Frans’ kinderen. In 1811, toen de Franse bezetters de invoering van vaste achternamen verplicht stelden, koos Frans samen met zijn broers en vader de naam Van der Molen – een bewuste herinnering aan hun grootvader die molenaar was geweest in Steenwijkerwold. Het tekent hoe de familie, inmiddels goed ingeburgerd als boeren, toch trots bleef op haar oorsprong.
Weduwnaar en nalatenschap
Frans’ vrouw Rinske overleed in 1814, waarna hij de laatste acht jaar van zijn leven als weduwnaar doorbracht. Zijn kinderen waren toen grotendeels volwassen, en hij kon terugzien op een leven waarin hij de overgang had gemaakt van pachterszoon tot stemgerechtigd boer.
Op 24 maart 1822 overleed Frans in Sonnega, 61 jaar oud. Zijn vader, Sijtse Egberts, leefde hem nog enkele jaren na en stierf in 1826 op 91-jarige leeftijd als rentenier – een bewijs van de welstand die de familie in twee generaties had opgebouwd.
Frans liet niet alleen zijn kinderen en kleinkinderen na, maar ook een blijvende familienaam. Met hem kreeg de familie Van der Molen een vaste plaats in de geschiedenis van Weststellingwerf: van molenaarszoon tot boer, van pachter tot eigenerfde.
Laat me weten wat je van deze biografie vind.